MiCA wordt afdwingbaar in België: de uitvoeringswet als juridisch scharnierpunt voor crypto-activiteiten
- Aeacus Lawyers

- 14 jan
- 5 minuten om te lezen
Met de wet van 11 december 2025 heeft België het Europese MiCA-kader juridisch verankerd in de Belgische wetgeving. Hoewel Verordening (EU) 2023/1114 betreffende cryptoactivamarkten (MiCA) sinds eind 2024 rechtstreeks toepasselijk is, ontbrak tot voor kort een Belgisch kader voor toezicht, sanctionering en bevoegdheidsverdeling. Die leemte wordt ingevuld door de Belgische uitvoeringswet van 11 december 2025.
Het is daarbij belangrijk te benadrukken dat deze wetgeving in hoofdzaak gericht is op uitgevende instellingen en aanbieders van diensten met betrekking tot cryptoactiva. De rechtstreekse gevolgen voor particuliere investeerders die cryptoactiva aanhouden of verhandelen voor eigen rekening blijven beperkt. Niettemin bevestigt de wet dat crypto-activiteiten definitief zijn geïntegreerd in het gereguleerde financiële landschap.
De wet werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 24 december 2025 en trad in werking op 3 januari 2026, zijnde tien dagen na bekendmaking. Vanaf die datum beschikt België over een volledig operationeel toezicht- en handhavingskader voor crypto-activiteiten. MiCA wordt daarmee niet enkel een Europese norm, maar ook een afdwingbare Belgische realiteit.

Waarom een Belgische uitvoeringswet van MiCa noodzakelijk was
Hoewel MiCA als verordening rechtstreeks geldt in alle lidstaten (waaronder België), laat zij essentiële elementen over aan de nationale wetgever. Zo bepaalt MiCA niet welke nationale autoriteiten bevoegd zijn voor toezicht en handhaving, noch hoe sancties moeten worden georganiseerd of hoe bestaande financiële wetgeving moet worden aangepast. Zonder uitvoeringswet bleef MiCA in België in belangrijke mate een normatief kader zonder concrete nationale verankering (als het ware een papieren tijger).
De Belgische wet beoogt deze lacunes te vullen. Zij waarborgt niet alleen de effectieve toepassing van MiCA, maar zet tevens Verordening (EU) 2023/1113 om, die de traceerbaarheid van geldovermakingen en overdrachten van cryptoactiva versterkt in het kader van de bestrijding van witwassen van geld en de financiering van terrorisme. Daarnaast wijzigt de wet verschillende bestaande financiële en antiwitwasbepalingen om de samenhang van het Belgische regelgevingskader te verzekeren.
Bevoegdheidsverdeling: FSMA en NBB krijgen duidelijke rollen
De Belgische uitvoeringswet verduidelijkt op welke wijze het toezicht op crypto-activiteiten wordt verdeeld tussen de verschillende toezichthoudende autoriteiten. Daarbij wordt aangesloten bij het bestaande “Twin Peaks”-model, waarbij het prudentiële toezicht en het gedragstoezicht duidelijk van elkaar worden onderscheiden.
Nationale Bank van België
De Nationale Bank van België wordt belast met het prudentiële toezicht op crypto-activiteiten die een impact kunnen hebben op de financiële stabiliteit. Dit betreft in het bijzonder de uitgifte en aanbieding van activareferentietokens en elektronische geldtokens, evenals het toezicht op bestaande financiële instellingen die diensten met betrekking tot cryptoactiva aanbieden. De rol van de NBB sluit aan bij haar klassieke bevoegdheden inzake monetair en prudentieel toezicht.
FSMA
De FSMA staat in voor het gedragstoezicht en de marktwerking. Zij is bevoegd voor de vergunningverlening en het toezicht op aanbieders van diensten met betrekking tot cryptoactiva die niet onder het toezicht van de NBB vallen. Daarnaast ziet zij toe op de naleving van de regels inzake consumentenbescherming, marktmisbruik en transparantie, met inbegrip van de controle op crypto-whitepapers.
Samenwerking tussen toezichthouders
De wet voorziet expliciet in samenwerkings- en coördinatiemechanismen tussen de FSMA en de NBB. Informatie-uitwisseling en afgestemd toezicht moeten voorkomen dat marktdeelnemers zich in toezichtslacunes kunnen begeven of met tegenstrijdige verwachtingen worden geconfronteerd.
Gevolgen voor crypto-dienstverleners en tokenuitgevers
Voor aanbieders van diensten met betrekking tot cryptoactiva betekent de Belgische uitvoeringswet dat structurele dienstverlening onlosmakelijk verbonden wordt met een voorafgaande MiCA-vergunning. Diensten zoals bewaring, handel, portefeuillebeheer of de exploitatie van handelsplatformen kunnen vanaf 3 januari 2026 niet langer worden aangeboden zonder naleving van de Belgische toezichtstructuur. Deze vergunning gaat gepaard met doorlopende vereisten inzake governance, risicobeheer, IT-beveiliging, belangenconflicten en cliëntenbescherming.
Regels voor tokenuitgiftes en whitepapers
Voor uitgevende instellingen verduidelijkt de wet de toepassing van MiCA op de Belgische markt. Whitepapers worden een juridisch kerninstrument, met reële aansprakelijkheidsgevolgen bij onvolledige of misleidende informatie. Voor tokens die verwijzen naar activa of fungeren als elektronisch geld geldt een bijzonder streng kader, met onder meer kapitaalvereisten, transparantieverplichtingen en voortdurende rapportering aan de toezichthouders.
Handhaving en sancties: MiCA krijgt tanden in België
De Belgische uitvoeringswet beperkt zich niet tot een organisatorische omzetting van MiCA, maar voorziet ook in een uitgebreid sanctie- en herstelinstrumentarium. De toezichthoudende autoriteiten krijgen de bevoegdheid om corrigerende maatregelen op te leggen, administratieve geldboeten te heffen en in te grijpen bij ernstige of aanhoudende inbreuken. Daarmee wordt MiCA in België niet enkel een regelgevend kader, maar ook een effectief afdwingbaar handhavingssysteem.
Wat verandert er concreet vanaf 3 januari 2026?
Het is van belang te benadrukken dat MiCA zelf niet “in werking treedt” op 3 januari 2026. De verordening is reeds rechtstreeks toepasselijk sinds eind 2024. Wat op 3 januari 2026 verandert, is de Belgische juridische infrastructuur errond. Vanaf die datum zijn de bevoegde toezichthouders formeel aangewezen, zijn Belgische sancties en herstelmaatregelen van toepassing en wordt toezicht en handhaving daadwerkelijk operationeel.
Voor Belgische en in België actieve crypto-spelers betekent dit een overgang van een deels abstract regelgevend kader naar een volwaardig gereguleerde en gecontroleerde markt.
Wat betekent dit voor particuliere investeerders?
Hoewel MiCA vaak wordt voorgesteld als een ingrijpende hervorming van de cryptosector, is het belangrijk te benadrukken dat de Belgische uitvoeringswet zich in hoofdzaak richt tot aanbieders van diensten met betrekking tot cryptoactiva en tot uitgevende instellingen van tokens. Particuliere investeerders die cryptoactiva aanhouden of verhandelen voor eigen rekening vallen niet onder een vergunningsplicht en worden door deze wet niet rechtstreeks gereguleerd.
Voor particuliere beleggers verandert er met andere woorden geen fundamenteel juridisch kader. Het aanhouden, aankopen of verkopen van cryptoactiva blijft toegelaten en wordt niet onderworpen aan bijkomende administratieve verplichtingen. Ook MiCA zelf beoogt uitdrukkelijk niet om particuliere investeringsbeslissingen te reguleren, maar focust op de omkadering, transparantie en betrouwbaarheid van de marktinfrastructuur.
Dat neemt niet weg dat de uitvoeringswet een duidelijk signaalfunctie heeft. De integratie van crypto-activiteiten in het financiële toezicht bevestigt dat cryptoactiva definitief zijn geëvolueerd van een marginaal fenomeen naar een gereguleerd onderdeel van het financiële systeem. Voor particuliere investeerders kan dit worden gelezen als een versterking van de rechtszekerheid en de bescherming tegen malafide aanbieders, eerder dan als een beperking van hun vrijheid om te investeren.
De concrete en onmiddellijke gevolgen situeren zich dan ook vooral bij aanbieders van crypto-diensten die vanuit België opereren of zich tot Belgische klanten richten. Die markt is in België relatief beperkt, maar wordt door de uitvoeringswet onderworpen aan een duidelijk en afdwingbaar toezichtkader. Voor particuliere investeerders betekent dit vooral dat zij in toenemende mate zullen interageren met gereguleerde spelers, binnen een meer gestructureerde en gecontroleerde omgeving.
Conclusie – van Europese norm naar Belgische praktijk
De wet van 11 december 2025 vormt het scharnierpunt tussen Europese regelgeving en Belgische toepassing. Zij maakt duidelijk dat crypto-activiteiten voortaan integraal deel uitmaken van het financiële recht en onderworpen zijn aan toezicht, vergunningverlening en handhaving. Voor marktdeelnemers verhoogt dit de rechtszekerheid, maar ook de compliance-vereisten. Voor beleggers en gebruikers betekent het een versterkte bescherming binnen een strikter gereguleerde omgeving.
MiCA is daarmee niet langer een toekomstig of louter Europees project, maar een Belgisch afdwingbaar kader. Vanaf 3 januari 2026 zal de vraag niet meer zijn of MiCA geldt in België, maar hoe marktdeelnemers zich concreet aanpassen aan deze nieuwe realiteit.
Indien u nog andere vragen heeft over cryptofiscaliteit bekijk dan zeker onze Frequently Asked Questions (FAQ) of maak een afspraak.
Christophe Romero Senne Verholle


