top of page

Crypto gestolen of verloren: toch meerwaardebelasting betalen?

11 minuten geleden
8 minuten om te lezen

Een dag voor Halloween kreeg de cryptowereld er een nieuw horrorscenario bij. Op 29 oktober 2026 werden miljarden dollars aan verdachte transacties vastgesteld vanuit wallets van Binance. Binance onderzoekt een mogelijk beveiligingsincident. Voormalig CEO Changpeng Zhao stelde ondertussen dat het inderdaad op een hack lijkt, hoewel Binance dit op het ogenblik van schrijven nog niet definitief heeft bevestigd.

Door enige beroepsmisvorming denken wij bij dergelijke berichten niet alleen aan de vraag hoeveel crypto er verdwenen is. Onze volgende gedachte is onvermijdelijk: wat gebeurt er fiscaal als uw crypto wordt gestolen?

Sinds de invoering van de nieuwe meerwaardebelasting is het antwoord daarop weinig geruststellend.

In het kort

Wie crypto met winst verkoopt of swapt, kan sinds 1 januari 2026 een belastbare meerwaarde realiseren. Wordt de verkregen crypto daarna gestolen, gaat een exchange failliet of verliest u definitief de toegang tot uw wallet, dan is dat economische verlies volgens de huidige regels niet noodzakelijk een fiscaal aftrekbare minderwaarde.

Het gevolg kan bijzonder hard zijn: u kunt uw volledige cryptovermogen verliezen en toch 10% meerwaardebelasting verschuldigd blijven op een eerder gerealiseerde winst.

Naar ons oordeel roept dit vragen op. Niet alleen vanuit het gelijkheidsbeginsel en het eigendomsrecht, maar ook vanuit de ratio legis van de meerwaardebelasting zelf: uiteindelijk wordt belasting geheven op een vermogensaanwas die voor de belastingplichtige niet langer bestaat.

I. De meerwaardebelasting viseert gerealiseerde cryptowinsten

Sinds 1 januari 2026 geldt in België een belasting van in beginsel 10% op gerealiseerde meerwaarden op financiële activa binnen het normale beheer van het privévermogen. Cryptoactiva vallen uitdrukkelijk onder die regeling.

Voor een volledig overzicht verwijzen we naar ons artikel Meerwaardebelasting op crypto in België: 10% heffing vanaf 2026 uitgelegd.

Belangrijk is dat niet alleen een verkoop naar euro een realisatie vormt.

Ook een swap van bijvoorbeeld BTC naar ETH of van BTC naar USDC is een overdracht onder bezwarende titel. De FOD Financiën heeft dit inmiddels uitdrukkelijk bevestigd in circulaire 2026/C/74.

Een belegger hoeft dus nooit euro's op zijn bankrekening te hebben ontvangen om toch een belastbare cryptomeerwaarde te realiseren.

II. Verlies is niet hetzelfde als een gerealiseerde minderwaarde

De nieuwe meerwaardebelasting laat toe om gerealiseerde minderwaarden te verrekenen met gerealiseerde meerwaarden binnen hetzelfde belastbare tijdperk. Het woord gerealiseerd is daarbij cruciaal.

De wet koppelt de minderwaarde eveneens aan een overdracht onder bezwarende titel. Het volstaat dus niet noodzakelijk dat een financieel actief economisch waardeloos wordt of uit uw vermogen verdwijnt.

Ook de minister van Financiën heeft dit bevestigd. Wanneer een financieel actief waardeloos wordt zonder dat sprake is van een overdracht onder bezwarende titel, ontstaat daardoor niet automatisch een fiscaal aftrekbare minderwaarde.

Bij een gewone verkoop met verlies is dat geen probleem. U verkoopt bijvoorbeeld voor €50.000 crypto die u voor €100.000 heeft gekocht. U realiseert een minderwaarde van €50.000.

Bij diefstal ligt dat anders. Wanneer iemand uw wallet leegmaakt, ontvangt u niets als tegenprestatie. Er is geen verkoop en geen ruil. Uw vermogen is economisch wel degelijk verminderd, maar er is volgens de huidige regels niet noodzakelijk een fiscaal gerealiseerde minderwaarde.

III. €100.000 kwijt en toch €9.000 belasting betalen

Een eenvoudig voorbeeld toont hoe problematisch dat kan worden.

Stel dat u na 1 januari 2026 voor €10.000 bitcoin koopt. Enkele jaren later is die bitcoin €100.000 waard. U wil uw winst veiligstellen en wisselt uw BTC om naar USDC. Die swap is een fiscale realisatie. U heeft dus een meerwaarde van: €100.000 min €10.000 = €90.000.

Stel nu dat uw wallet de volgende dag wordt gehackt en de volledige €100.000 USDC wordt gestolen. Economisch is de rekening eenvoudig. U begon met €10.000 en eindigt met €0. U heeft dus niet alleen uw winst verloren, maar ook uw oorspronkelijke investering.

Fiscaal kan het resultaat echter anders zijn. De swap van BTC naar USDC heeft een gerealiseerde meerwaarde van €90.000 gecreëerd. De daaropvolgende diefstal vormt daarentegen geen overdracht onder bezwarende titel en creëert bijgevolg in beginsel geen verrekenbare minderwaarde.

Wanneer we voor dit voorbeeld aannemen dat de jaarlijkse vrijstelling reeds volledig werd opgebruikt, bedraagt de belasting:

€90.000 × 10% = €9.000.

U bezit geen €100.000 meer. U heeft zelfs uw oorspronkelijke €10.000 niet meer. Maar u kunt wel nog €9.000 belasting verschuldigd zijn.

IV. Niet alleen hacking: ook verloren private keys en menselijke fouten

Het probleem beperkt zich jammer genoeg niet tot een klassieke hack. Denk bijvoorbeeld aan phishing waarbij iemand toegang krijgt tot uw wallet en de crypto wegsluist. Ook dan verdwijnt het vermogen zonder dat u daarvoor een tegenprestatie ontvangt.

Hetzelfde probleem kan ontstaan wanneer crypto per vergissing naar een verkeerd of ontoegankelijk adres wordt verstuurd. Nog merkwaardiger is het verlies van een private key of seed phrase.

Stel dat u 1 BTC bezit maar definitief de toegang tot uw wallet verliest. De bitcoin bestaat technisch nog steeds. Iedereen kan op de blockchain zelfs zien dat hij nog op hetzelfde adres staat. Alleen kan niemand zonder de private key er nog over beschikken.

Economisch kan de waarde voor u daardoor tot nul zijn herleid. Fiscaal is er echter geen verkoop, ruil of andere overdracht onder bezwarende titel geweest. Ook daar kan dus een verschil ontstaan tussen het economische verlies en de fiscaal gerealiseerde minderwaarde.

V. En wat wanneer een exchange failliet gaat?

Ook het faillissement van een exchange kan tot vergelijkbare problemen leiden. De cryptosector heeft met onder meer FTX, Celsius en andere platformen al meermaals aangetoond dat tegoeden op een gecentraliseerd platform niet noodzakelijk even veilig zijn als beleggers veronderstellen.

Afhankelijk van de contractuele structuur kan een gebruiker na het faillissement bijvoorbeeld een vordering op de exchange overhouden. Later kan daarop nog een gedeeltelijke uitkering volgen.

De precieze fiscale behandeling moet daarom geval per geval worden onderzocht.

Maar ook hier geldt hetzelfde uitgangspunt: het feit dat u economisch een aanzienlijk verlies lijdt, betekent niet automatisch dat onder de nieuwe meerwaardebelasting een gerealiseerde minderwaarde bestaat.

VI. Dat is net het omgekeerde van tax loss harvesting

De vreemde situatie wordt nog duidelijker wanneer we ze vergelijken met tax loss harvesting.

De wetgever aanvaardt uitdrukkelijk dat een belegger een verliespositie verkoopt om een minderwaarde te realiseren en die vervolgens binnen hetzelfde belastbare tijdperk met belastbare meerwaarden te verrekenen.

Stel dat twee beleggers exact dezelfde crypto voor €100.000 hebben gekocht en die nog €20.000 waard is.

Belegger A verkoopt zijn crypto voor €20.000. Hij heeft een gerealiseerde minderwaarde van €80.000. Bij belegger B worden diezelfde cryptomunten gestolen. Hij is alles kwijt. Economisch is belegger B duidelijk slechter af. Toch kan belegger A een fiscale minderwaarde hebben, terwijl belegger B mogelijk niets kan aftrekken.

Dat verschil is moeilijk uit te leggen vanuit de economische realiteit.

VII. Is dit in strijd met de ratio legis van de meerwaardebelasting?

Naar ons oordeel kan daar minstens ernstig over worden gediscussieerd. De ratio achter een meerwaardebelasting is uiteindelijk dat een belastingplichtige wordt belast omdat zijn vermogen door een gerealiseerde meerwaarde is toegenomen. De belasting viseert een vermogensaanwas.

Wanneer we teruggrijpen naar ons voorbeeld: de belegger begint met €10.000. Zijn bitcoin stijgt naar €100.000. Hij realiseert €90.000 meerwaarde door naar USDC te swappen. De volgende dag wordt de volledige €100.000 gestolen. Aan het einde van het belastbare tijdperk heeft hij geen vermogensaanwas van €90.000. Hij heeft zelfs geen vermogen van €10.000 meer. Hij heeft €0.

Toch wordt hij voor de toepassing van de meerwaardebelasting behandeld alsof hij €90.000 meerwaarde heeft genoten. Dat resultaat lijkt moeilijk te verzoenen met de ratio legis van een belasting die net een gerealiseerde vermogensaanwas wil treffen.

Dat geldt des te meer wanneer winst en verlies zich binnen hetzelfde belastbare tijdperk voordoen. De wetgever laat immers zelf toe om gerealiseerde minderwaarden binnen datzelfde jaar met gerealiseerde meerwaarden te verrekenen.

Het systeem beoogt dus minstens in zekere mate rekening te houden met het nettoresultaat.

Waarom een belegger die zijn crypto verkoopt met verlies dat verlies wel kan verrekenen, terwijl iemand die exact dezelfde crypto volledig verliest door diefstal dat niet kan, is dan geen evidente vraag.

VIII. Ook vragen bij het gelijkheidsbeginsel en eigendomsrecht

Het ontbreken van enige mogelijkheid om een dergelijk verlies fiscaal in aanmerking te nemen, roept bovendien vragen op vanuit het eigendomsrecht en het grondwettelijk gelijkheidsbeginsel.

Wanneer een belastingplichtige eerst een aanzienlijke meerwaarde realiseert en vervolgens, nog tijdens hetzelfde belastbare tijdperk, zijn volledige vermogen verliest door bijvoorbeeld een hack of het faillissement van een handelsplatform, kan de belasting op die eerdere meerwaarde mogelijk een kennelijk onevenredige last vormen. De vraag rijst dan of een dergelijke belastingheffing verenigbaar is met het eigendomsrecht zoals beschermd door artikel 1 van het Eerste Aanvullend Protocol bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Ook vanuit het gelijkheidsbeginsel kunnen vragen worden gesteld. Het Grondwettelijk Hof oordeelde in zijn arrest nr. 124/2023 van 21 september 2023 reeds dat een verschil in behandeling inzake de aftrekbaarheid van kosten bij bepaalde abnormale meerwaarden strijdig kon zijn met het gelijkheidsbeginsel.

Een vergelijkbare vraag rijst onder de nieuwe meerwaardebelasting. Een belegger die een actief met verlies verkoopt, kan een fiscaal aftrekbare minderwaarde realiseren. Een belegger die hetzelfde actief volledig en definitief verliest door diefstal of hacking, kan daarentegen mogelijk helemaal geen minderwaarde in rekening brengen. Nochtans is die laatste economisch minstens even slecht, en doorgaans zelfs slechter, af.

Of dit verschil in behandeling voldoende kan worden verantwoord, zal uiteindelijk door de rechtspraak moeten worden uitgemaakt. Over deze specifieke problematiek onder de nieuwe meerwaardebelasting bestaat vandaag nog geen rechtspraak. Naar ons oordeel bestaan er evenwel ernstige argumenten om de toepassing van de regeling in dergelijke extreme gevallen juridisch in vraag te stellen.

IX. Kan de fiscus uitzonderlijk clementie tonen?

Er bestaat in België geen algemene fiscale gratieregeling waarbij de administratie een correct verschuldigde belasting kan kwijtschelden omdat het resultaat bijzonder hard of onrechtvaardig is.

Wel bestaat het zogenaamde onbeperkt uitstel van invordering, geregeld in artikel 413bis e.v. WIB 92. Deze uitzonderlijke gunstmaatregel is bedoeld voor natuurlijke personen die duurzaam niet in staat zijn hun fiscale schulden te betalen en hun onvermogen niet zelf hebben georganiseerd.

Onder bepaalde voorwaarden kan de bevoegde ontvanger beslissen om de invordering van een deel van de belastingschuld uit te stellen. Wanneer de belastingplichtige de opgelegde voorwaarden naleeft, kan het resterende gedeelte uiteindelijk buiten invordering worden gesteld.

Dit verandert echter niets aan de belasting zelf. De belastbare meerwaarde en de daaruit voortvloeiende belastingschuld blijven juridisch bestaan. Het gaat uitsluitend om een uitzonderlijke maatregel op het niveau van de invordering.

Voor een cryptobelegger die na een hack zijn volledige vermogen verliest maar nog meerwaardebelasting verschuldigd is, vormt dit dus hoogstens een laatste vangnet wanneer hij daadwerkelijk niet meer in staat is zijn belastingschuld te voldoen. Het biedt geen algemene oplossing voor het fundamentele probleem dat een economisch totaalverlies onder de nieuwe meerwaardebelasting niet noodzakelijk als fiscale minderwaarde wordt erkend.

X. Wat doet u wanneer crypto wordt gestolen of verloren gaat?

Wie slachtoffer wordt van een hack, phishing, diefstal of ander definitief verlies doet er in ieder geval goed aan om zoveel mogelijk bewijs te verzamelen.

Bewaar minstens de relevante walletadressen, transaction hashes, transactiegeschiedenis, communicatie met exchanges, screenshots en eventuele blockchainanalyses.

Bij hacking of diefstal is ook een aangifte bij de politie aangewezen.

Bij het faillissement van een exchange moeten onder meer de contractuele positie tegenover het platform, de aangifte van schuldvordering en eventuele latere uitkeringen zorgvuldig worden bijgehouden.

Die informatie is niet alleen relevant voor een eventuele recuperatie van de crypto. Zij kan ook essentieel worden wanneer later discussie ontstaat met de fiscale administratie over het bestaan en de omvang van het verlies.

Conclusie

De nieuwe meerwaardebelasting creëert voor cryptobeleggers een vreemde situatie: economisch verlies is niet noodzakelijk fiscaal verlies.

Een verkoop of swap kan een belastbare meerwaarde creëren. Wanneer de verkregen crypto vervolgens wordt gestolen, gehackt, definitief ontoegankelijk wordt of verloren gaat door het faillissement van een platform, verdwijnt die eerdere belastbare meerwaarde niet noodzakelijk mee.

In het meest extreme geval kan een belegger daardoor zijn volledige cryptovermogen verliezen en toch belasting verschuldigd blijven.

Naar ons oordeel kan ernstig worden betwijfeld of een dergelijk resultaat strookt met de ratio legis van een belasting op gerealiseerde vermogensaanwas. In extreme gevallen kunnen bovendien vragen rijzen vanuit het gelijkheidsbeginsel en het eigendomsrecht.

Voor cryptobeleggers heeft cybersecurity sinds 2026 dus nog een onverwachte fiscale dimensie gekregen.

Wie zijn crypto verliest, is mogelijk nog niet van de fiscus verlost.

 
 

Contact

Aeacus Lawyers staat tot uw dienst voor al uw juridische vragen. U kan met ons geheel vrijblijvend contact opnemen via het onderstaande e-mailadres of door het onderstaande formulier in te vullen. Wij komen zo spoedig mogelijk bij u terug. 

secretariaat@aeacus.tax
Senne Verholle: +32 (0)477 77 48 49
Christophe Romero: +32 (0)497 79 52 14
bottom of page