Moet je cryptorekeningen of wallets aangeven bij het CAP in België? Praktisch stappenplan voor 2026
- Aeacus Lawyers

- 23 aug 2024
- 15 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 2 dagen geleden
Snel AntwoordVanuit pragmatische overwegingen raden wij aan om buitenlandse cryptorekeningen en crypto-wallets bij gecentraliseerde exchanges zoals Binance, Kraken of Coinbase aan te geven in de Belgische belastingaangifte en te melden aan het CAP. Hoewel discussie blijft bestaan of hiervoor vandaag een expliciete wettelijke verplichting geldt, nemen de fiscus en de minister van Financiën dit standpunt wel in, waardoor aangifte in de praktijk aangewezen is. |
In een oogopslag
Begrip | Toelichting |
Centraal Aanspreekpunt (CAP) | Centrale databank van de Nationale Bank van België waarin Belgische belastingplichtigen hun buitenlandse rekeningen moeten registreren. Het CAP registreert enkel het bestaan van rekeningen, niet de saldi of transacties. Aanmelden kan via cappcc.nbb.be. |
Custodial wallet | Een crypto-wallet waarbij een derde partij (zoals Binance, Kraken, Bitvavo, Bybit, Bitpanda of Coinbase) de private sleutels beheert en de crypto-activa bewaart. Volgens de minister van Financiën vallen deze in principe onder de aangifteplicht. |
Non-custodial wallet | Een wallet waarbij de belastingplichtige zelf de private sleutels beheert, zonder tussenkomst van een financiële instelling. Voorbeelden zijn MetaMask, Ledger, Ngrave en Trezor. Deze vallen volgens de huidige stand van zaken niet onder de aangifte- of meldingsplicht. |
Artikel 307 WIB 92 | De wettelijke bepaling die de meldingsplicht voor buitenlandse rekeningen vastlegt. De wet viseert buitenlandse rekeningen bij bank-, wissel-, krediet- of spaarinstellingen. Cryptorekeningen worden hierin niet expliciet vermeld. |
Standpunt CAP | Het CAP stelt in zijn publieke FAQ dat enkel cryptorekeningen bij een buitenlandse bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling moeten worden gemeld. Dit impliceert dat custodial wallets bij buitenlandse exchanges meldingsplichtig zijn, non-custodial wallets niet. |
Standpunt minister van Financiën | In zijn antwoord op een parlementaire vraag bevestigde de minister dat "rekening van elke aard" in artikel 307 WIB 92 ruim moet worden geïnterpreteerd en in principe ook cryptowallets kan omvatten. Custodial wallets bij buitenlandse exchanges moeten worden aangegeven; non-custodial wallets niet. Dit standpunt is richtinggevend voor controles. |
Waar aangeven? | In de belastingaangifte: Vak XIII – A. Rekeningen in het buitenland, code 1075-89. (buitenlandse rekeningen). Bij het CAP: via cappcc.nbb.be (aanmelden via itsme), onder "Uw buitenlandse bankrekeningen aangeven". Bij gebrek aan klassiek rekeningnummer kan de gebruikersnaam of het klantnummer bij de exchange worden ingevuld. |
DAC8 | Europese richtlijn die crypto-dienstverleners verplicht om transactiegegevens van gebruikers te rapporteren aan belastingadministraties. Vanaf 2026 ontvangt de Belgische fiscus automatisch informatie van crypto-platformen over Belgische belastingplichtigen. |
Risico's bij niet-aangifte | Het niet aangeven van custodial wallets bij buitenlandse exchanges kan leiden tot administratieve boetes tot €1.250 per overtreding, belastingverhogingen van 10% tot 200% en verlengde controle- en aanslagtermijnen. Daarnaast kunnen Belgische banken weigeren cryptogelden te aanvaarden zolang geen bewijs van aangifte wordt voorgelegd. |

1. Het basisprincipe: meldingsplicht van buitenlandse rekeningen bij het CAP en in de aangifte
Alle Belgische rijksinwoners zijn wettelijk verplicht om hun buitenlandse rekeningen te melden aan het Centraal Aanspreekpunt van de Nationale Bank van België (CAP). Dit basisprincipe vindt zijn wettelijke verankering in artikel 307, § 1, lid 2 WIB 92, dat bepaalt dat, uiterlijk gelijktijdig met de indiening van de aangifte waarin het bestaan van buitenlandse rekeningen wordt vermeld, ook de rekeningnummers, de benaming van de betrokken bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling en het land of de landen waar die rekeningen werden geopend, moeten worden meegedeeld aan het CAP, tenzij deze melding reeds in een vorig aanslagjaar heeft plaatsgevonden.
Vanuit pragmatische overwegingen raden wij aan om buitenlandse cryptorekeningen en crypto-wallets bij gecentraliseerde exchanges zoals Binance, Kraken of Coinbase aan te geven in de Belgische belastingaangifte en te melden aan het CAP. Hoewel discussie blijft bestaan of hiervoor vandaag een expliciete wettelijke verplichting geldt, nemen de fiscus en de minister van Financiën dit standpunt wel in, waardoor aangifte in de praktijk aangewezen is.
Concreet: hoe geef ik mijn cryptorekening aan bij het CAP?Hoewel er geen expliciete wettelijke verplichting bestaat, raden wij vanuit een pragmatische risicobenadering aan om custodial wallets aan te geven in de personenbelasting en te melden bij het CAP. Hieronder leggen wij stap voor stap uit hoe u dit in de praktijk doet.
Stap 5 kan herhaald worden voor elke exchange waar u klant bent. |
Het aangeven van een cryptorekening of wallet bij het CAP en in de jaarlijkse belastingaangifte staat los van de aangifte van eventuele cryptowinsten. De melding van een buitenlandse cryptorekening gebeurt louter op basis van het bestaan van de rekening of wallet zelf, ongeacht of er winsten werden gerealiseerd. Cryptowinsten moeten daarentegen enkel afzonderlijk worden aangegeven wanneer er sprake is van een fiscale realisatie van belastbare crypto-inkomsten of belastbare meerwaarden.
2. Wat is het centraal aanspreekpunt?
Het Centraal Aanspreekpunt van de Nationale Bank van België, doorgaans afgekort als het CAP, is een door de wet ingevoerde centrale databank waarin bepaalde financiële gegevens van Belgische belastingplichtigen worden geregistreerd. Het CAP heeft tot doel de fiscale administratie toe te laten om efficiënter na te gaan of Belgische rijksinwoners hun buitenlandse rekeningen correct aangeven en om fiscale controles te ondersteunen.
Het basisprincipe is dat alle Belgische rijksinwoners verplicht zijn om het bestaan van hun buitenlandse rekeningen te melden. De registratie in het CAP heeft een strikt afgebakend karakter. In de databank worden geen saldi van rekeningen opgenomen en evenmin gegevens over verrichtingen of bewegingen die via de betrokken rekeningen plaatsvinden. De melding beperkt zich tot het bestaan van de rekening, het rekeningnummer, de identiteit van de betrokken financiële instelling en het land waar de rekening werd geopend. Het CAP fungeert met andere woorden niet als een register van vermogensstanden, maar als een instrument om het bestaan van buitenlandse rekeningen te identificeren.
Een kleine kanttekening hierbij is dat Voor binnenlandse rekeningen (bij Belgische banken) wél halfjaarlijkse saldi en sommige verrichtingen met contanten worden geregistreerd in het CAP en dit sinds 2020.
De informatie die in het CAP wordt geregistreerd, kan door de fiscale administratie worden geraadpleegd in het kader van belastingcontroles, zonder dat daarvoor systematisch een voorafgaande vraag aan de belastingplichtige vereist is.
Het Centraal Aanspreekpunt moet daarbij duidelijk worden onderscheiden van internationale gegevensuitwisselingsmechanismen zoals de Common Reporting Standard (CRS) en de DAC8-richtlijn, die betrekking hebben op automatische rapportage door financiële en crypto-dienstverleners en waarvan de informatie niet in het CAP wordt opgenomen.
3. Moeten cryptorekeningen of wallets worden aangegeven bij het CAP?
De vraag of cryptorekeningen of crypto-wallets moeten worden gemeld bij het Centraal Aanspreekpunt van de Nationale Bank van België hangt rechtstreeks samen met de kernvraag of een crypto-wallet kan worden beschouwd als een “rekening” in de zin van de fiscale wetgeving, en of een gecentraliseerd crypto-platform, zoals onder meer Kraken, Binance, Bitvavo of Coinbase, kan worden gelijkgesteld met een bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling zoals bedoeld in artikel 307 WIB 92.
Vanuit een strikt wettelijk perspectief bestaan er naar ons oordeel sterke argumenten om te stellen dat cryptorekeningen en crypto-wallets niet zonder meer onder dit wettelijke kader vallen. Dat heeft te maken met de eigen aard van crypto-wallets, die in essentie geen rekening vertegenwoordigen bij een financiële instelling, en met de specifieke rol van crypto-exchanges, die fundamenteel verschilt van die van de klassieke bank-, krediet- of spaarinstellingen waarop artikel 307 WIB 92 is toegesneden. De huidige wettelijke bepalingen zijn immers opgesteld met traditionele financiële structuren voor ogen en houden geen expliciete rekening met gedecentraliseerde of hybride crypto-structuren.
Daarbij dient te worden benadrukt dat wij geen weet hebben van rechtspraak waarin een rechtbank of hof zich reeds expliciet heeft uitgesproken over de kwalificatie van cryptorekeningen of crypto-wallets als buitenlandse rekeningen in de zin van artikel 307 WIB 92. Die afwezigheid van rechtspraak draagt bij tot de bestaande rechtsonzekerheid.
In de praktijk is het van belang om niet alleen de wettekst te analyseren, maar ook aandacht te besteden aan eventuele standpunten van het CAP zelf en aan de visie van de fiscale administratie.
Zienswijze van het CAP
Het Centraal Aanspreekpunt van de Nationale Bank van België heeft zich over deze vraag uitgesproken in zijn publiek toegankelijke FAQ. Het CAP krijgt deze vraag kennelijk regelmatig en heeft zijn administratieve visie daar toegelicht. In de FAQ formuleert het CAP het volgende:
"Je moet uitsluitend een cryptorekening in het buitenland melden aan het CAP (en in je belastingaangifte), als je die cryptorekening aanhoudt bij een buitenlandse bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling (in de zin van art. 318 van het WIB 1992)."
Hoewel het CAP zich niet expliciet uitspreekt over crypto-wallets als afzonderlijke categorie, kan uit deze formulering worden afgeleid dat de meldingsplicht volgens het CAP beperkt blijft tot cryptorekeningen of wallets die worden aangehouden bij een buitenlandse bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling. In de praktijk komt dit neer op zogenoemde custodial wallets, met name wallets of rekeningen bij gecentraliseerde crypto-exchanges waarbij de gebruiker niet zelf beschikt over de private sleutels.
Het gaat daarbij om rekeningen of wallets bij buitenlandse crypto-exchanges zoals onder meer Kraken, Coinbase, Binance, Bitvavo en gelijkaardige platformen. Kenmerkend voor deze structuren is dat de crypto-activa door de exchange worden bewaard en beheerd, waardoor de gebruiker juridisch en feitelijk afhankelijk is van een derde partij.
Deze zienswijze impliceert daarentegen dat non-custodial wallets, waarbij de gebruiker zelf de private sleutels beheert en er geen tussenkomst is van een bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling, buiten het toepassingsgebied van de CAP-meldingsplicht zouden vallen. Voorbeelden daarvan zijn software- en hardwarewallets zoals MetaMask, Ledger, Trezor en Ngrave.
Het is evenwel belangrijk te benadrukken dat deze interpretatie voortvloeit uit de administratieve visie van het CAP en niet uit een expliciete wettelijke bepaling. Niettemin is zij in de praktijk richtinggevend.
4. Zienswijze van de fiscale administratie: parlementaire vraag over cryptowallets aangeven
De fiscale administratie heeft zich, bij monde van de Minister van Financiën, inmiddels ook uitdrukkelijk uitgesproken over de aangifteplicht van cryptowallets, naar aanleiding van een parlementaire vraag die werd gesteld in 2024. Die tussenkomst is bijzonder relevant omdat zij voor het eerst een duidelijk onderscheid maakt tussen custodial en non-custodial wallets in het kader van de Belgische aangifteverplichtingen.
Parlementaire vraag van 26 maart 2024
Op 26 maart 2024 stelde de heer Van Hees een parlementaire vraag aan de minister van Financiën (Parlementaire vraag nr. 1971) over de aangifteplicht van buitenlandse cryptowallets. Hij vroeg de minister om verduidelijking over de vraag of en in welke mate verschillende types cryptowallets moeten worden aangegeven in de personenbelasting, met een expliciet onderscheid tussen custodial en non-custodial wallets.
Meer in het bijzonder vroeg hij of een non-custodial wallet die in het buitenland wordt aangehouden, moet worden aangegeven naar analogie met de regels die gelden voor bijvoorbeeld PayPal-rekeningen. Daarbij onderscheidde hij drie situaties: professioneel gebruik, privégebruik uitsluitend voor betalingsdoeleinden en privégebruik voor beleggingsdoeleinden. Hij wees daarbij op de bestaande juridische onzekerheid rond de kwalificatie van non-custodial wallets.
Antwoord van de minister van Financiën (6 mei 2024)
In zijn antwoord van 6 mei 2024 bevestigde de minister van Financiën dat de aangifteplicht voor buitenlandse rekeningen steunt op artikel 307 WIB 92. Die bepaling viseert buitenlandse rekeningen van om het even welk type, op voorwaarde dat zij worden aangehouden bij een buitenlandse bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling.
Volgens de minister van Financiën moet de term “rekening van elke aard” in artikel 307 WIB 92 zeer ruim worden opgevat en kan deze in principe ook cryptowallets omvatten. Dit betekent echter niet dat elke cryptowallet automatisch onder de aangifteplicht valt. Om onder artikel 307 WIB 92 te vallen, moet de rekening bovendien geopend zijn bij een in het buitenland gelegen bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling.
De minister verduidelijkt dat de aangifteplicht afhangt van het statuut en de activiteiten van het platform waarbij de cryptowallet is geopend. Enkel wanneer dat platform in het buitenland beroepshalve financiële diensten verleent die vergelijkbaar zijn met die van Belgische bank-, wissel-, krediet- of spaarinstellingen, moet de cryptowallet worden aangegeven in de personenbelasting en gemeld aan het CAP.
Volgens deze benadering vallen custodial wallets, waarbij een tussenpersoon instaat voor de bewaring van de crypto-activa en het beheer van de privésleutels, in principe onder de aangifteplicht, op voorwaarde dat de betrokken buitenlandse tussenpersoon als een financiële instelling kan worden gekwalificeerd.
Voor non-custodial wallets ligt dit volgens de minister fundamenteel anders. Wallets waarbij de belastingplichtige zelf de private sleutels beheert en waarbij geen enkele tussenpersoon optreedt die kan worden aangemerkt als een buitenlandse bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling, vallen volgens de huidige stand van de regelgeving niet onder de aangifteplicht. Het gaat daarbij onder meer om hardware wallets, paper wallets en andere self-custody oplossingen.
Dergelijke non-custodial wallets hoeven bijgevolg niet te worden opgenomen in de aangifte in de personenbelasting en evenmin te worden gemeld aan het Centraal Aanspreekpunt van de Nationale Bank van België, aangezien zij niet worden “aangehouden” bij een buitenlandse financiële instelling in de zin van artikel 307 WIB 92.
In navolging van deze zienswijze werd de site van de FOD Financiën aangepast. Hier valt nu te lezen dat: "Cryptomuntrekeningen, Hoewel de precieze verplichtingen kunnen evolueren, is het raadzaam om buitenlandse cryptomuntrekeningen aan te geven."
Reikwijdte en betekenis van dit administratieve standpunt
Niettemin maakt zowel het antwoord van de minister van Financiën als de aangepaste communicatie van de FOD Financiën duidelijk dat de fiscale administratie in de praktijk van oordeel is dat cryptorekeningen en crypto-wallets moeten worden aangegeven wanneer zij worden aangehouden via een buitenlandse tussenpersoon die kwalificeert als financiële instelling. In de praktijk viseert dit voornamelijk custodial wallets en accounts bij buitenlandse crypto-exchanges zoals Binance, Kraken, Coinbase of Bitvavo.
Die administratieve zienswijze mag in de praktijk niet worden onderschat. Zij is richtinggevend voor de manier waarop controles worden gevoerd en dossiers worden beoordeeld. Tegelijk moet dit standpunt juridisch in zijn juiste context worden geplaatst. Een antwoord van de minister van Financiën of een mededeling op de website van de FOD Financiën vormt geen wetgevende norm en kan de draagwijdte van artikel 307 WIB 92 niet uitbreiden. De minister behoort immers niet tot de wetgevende macht.
Opmerkelijk is bovendien dat de website van de FOD Financiën vandaag niet stelt dat cryptorekeningen zonder meer “moeten” worden aangegeven, maar eerder dat het “raadzaam” is om buitenlandse cryptomuntrekeningen aan te geven. Die genuanceerdere formulering lijkt er opnieuw op te wijzen dat ook de administratie beseft dat over de exacte wettelijke draagwijdte van de huidige wettekst nog discussie mogelijk blijft.
In de rechtsleer blijft dan ook discussie bestaan. Bepaalde auteurs, waaronder Aeacus Lawyers, blijven van oordeel dat de huidige wettelijke tekst, strikt geïnterpreteerd, cryptorekeningen en crypto-wallets vandaag nog niet expliciet viseert en dat een formele wetswijziging vereist zou zijn om deze ondubbelzinnig onder de aangifteplicht te brengen. Het feit dat in eerdere regeerverklaringen reeds werd aangekondigd dat de wetgeving zou worden aangepast om cryptorekeningen en crypto-wallets expliciet op te nemen, lijkt die interpretatiediscussie overigens indirect te bevestigen. Indien de huidige wet reeds volledig duidelijk zou zijn, zou een bijkomende wetswijziging immers weinig zin hebben.
Op het moment van schrijven, mei 2026, werd een dergelijke expliciete wetswijziging evenwel nog niet doorgevoerd, waardoor ondanks de duidelijke administratieve positionering een zekere juridische onzekerheid blijft bestaan.
In de praktijk stelt men vast dat het merendeel van de fiscale adviseurs inmiddels een pragmatische benadering hanteert en adviseert om custodial wallets bij buitenlandse crypto-exchanges wel te vermelden in de aangifte in de personenbelasting en aan te melden bij het CAP. Dat advies is doorgaans niet ingegeven door een strikt wettelijke verplichting, maar door een risicogerichte afweging. Zoals hierna zal worden toegelicht, kunnen aan een niet-melding immers aanzienlijke fiscale en administratieve sancties verbonden zijn, wat ertoe leidt dat voorzichtigheid in de praktijk vaak de bovenhand haalt.
Het is wellicht mede om die reden dat ook de FOD Financiën vandaag een gelijkaardige pragmatische benadering lijkt te volgen als verschillende fiscalisten en auteurs, waaronder Aeacus Lawyers. Opvallend is immers dat de administratie op haar website niet categorisch stelt dat cryptorekeningen zonder meer wettelijk “moeten” worden aangegeven, maar eerder communiceert dat het “raadzaam” is om buitenlandse cryptomuntrekeningen aan te geven. Die formulering lijkt erop te wijzen dat de administratie zich bewust is van de bestaande juridische discussie, maar vanuit voorzichtigheid en fiscale transparantie toch aanstuurt op aangifte in de praktijk.
Zienswijze van de (Belgische) banken bij de repatriëring van cryptomiddelen
Hoewel de zienswijze van de rechtsleer en die van de fiscale administratie juridisch van groot belang zijn, speelt in de praktijk vooral de zienswijze van de Belgische bankinstellingen een doorslaggevende rol bij de repatriëring van cryptomiddelen (zie ons afzonderlijk artikel voor een uitgebreide bespreking van de repatriëring van cryptomiddelen).
Wanneer cryptogelden worden overgebracht naar een Belgische bankrekening, stellen banken quasi systematisch de vraag of de betrokken cryptorekeningen of wallets werden vermeld in de aangifte in de personenbelasting en gemeld bij het CAP. Het komt daarbij regelmatig voor dat banken weigeren deze gelden te aanvaarden zolang geen bewijs wordt voorgelegd dat deze rekeningen of wallets effectief en correct werden aangegeven.
5. Wat zijn de risico’s en sancties van niet-aangeven van cryptorekeningen of wallets?
Wanneer buitenlandse rekeningen niet worden vermeld in de aangifte in de personenbelasting of niet worden aangemeld bij het Centraal Aanspreekpunt van de Nationale Bank van België, kunnen administratieve boetes worden opgelegd die kunnen oplopen tot 1.250 euro per overtreding.
Daarnaast kan het verzwijgen van belastbare inkomsten uit crypto-activa aanleiding geven tot belastingverhogingen. Afhankelijk van de concrete omstandigheden en de beoordeling door de fiscus kunnen deze verhogingen variëren van 10% tot 200% van de verschuldigde belasting.
In de praktijk wordt het niet aangeven van cryptorekeningen of wallets bij een fiscale controle bovendien soms aangegrepen om te stellen dat er sprake is van fiscale fraude. Een dergelijke kwalificatie heeft belangrijke gevolgen, aangezien zij kan leiden tot de toepassing van verlengde controle- en aanslagtermijnen. Hierdoor kan de fiscale administratie aanzienlijk verder teruggaan in de tijd bij haar controles, wat het risico op bijkomende correcties en sancties vergroot.
6. Kan de fiscus informatie omtrent mijn buitenlandse cryptorekeningen te weten komen?
Momenteel bestaat er een systeem van internationale gegevensuitwisseling met 120 landen (waaronder alle landen van de Europese Unie) waardoor de fiscus gegevens ontvangt van buitenlandse financiële rekeningen (zoals bankrekeningen) die door Belgische belastingplichtigen worden aangehouden, alsmede welke inkomsten (interesten, dividenden, etc.) worden gerealiseerd. Dit systeem wordt de Common Reporting Standard genoemd. Vanaf 2026 is het CRS-systeem eveneens toegepast op crypto-rekeningen en wallets.
Zoals hierboven uiteengezet is 2026 een scharnierjaar voor crypto vanuit fiscaal oogpunt. Naast de algemene meerwaardebelasting, treedt de DAC8-richtlijn eveneens in werking waarbiij het bestaande Europese kader voor administratieve samenwerking op het vlak van belastingen werd uitgebreid met specifieke rapportageverplichtingen voor crypto-activa. DAC8 verplicht crypto-dienstverleners om informatie over hun gebruikers en hun crypto-transacties te rapporteren aan de belastingadministraties, waarna deze gegevens automatisch worden uitgewisseld tussen de Europese lidstaten.
Concreet betekent dit dat de Belgische fiscale administratie vanaf dit jaar, jaarlijks gegevens ontvangt van buitenlandse crypto-platformen over Belgische belastingplichtigen. Die informatie kan vervolgens worden vergeleken met de ingediende aangifte in de personenbelasting, wat de detectiekansen bij niet-aangifte aanzienlijk verhoogt. De draagwijdte en praktische impact van DAC8 worden uitvoerig besproken in een afzonderlijk artikel, zodat hier niet verder op wordt ingegaan.
Naast deze internationale gegevensuitwisseling maakt de Belgische fiscus gebruik van interne analysetools zoals MoneyControl. MoneyControl is geen afzonderlijke databank, maar een intern instrument waarmee de fiscale administratie informatie uit verschillende bronnen (waaronder aangiften, CAP-gegevens en internationale uitwisselingen zoals DAC8) kan combineren en analyseren in het kader van risicoanalyse en fiscale controles. Ook over de werking en de juridische context van MoneyControl werd afzonderlijk en uitgebreider geschreven.
7. Wat indien ik mijn cryptorekeningen nog niet heb aangeven bij het cap?
Wanneer cryptorekeningen nog niet werden aangegeven bij het Centraal Aanspreekpunt, raden wij in de praktijk aan om dit alsnog zo snel mogelijk te doen. De huidige wetgeving is immers nog niet expliciet aangepast aan crypto-activa: cryptorekeningen worden niet uitdrukkelijk vermeld in de bestaande wetteksten en de wettelijke verplichting tot aangifte is op dit punt niet helder uitgewerkt. Op basis daarvan kan vandaag nog worden geargumenteerd dat dergelijke rekeningen formeel niet onder de aangifteplicht vallen, waardoor een eventuele administratieve boete mogelijk kan worden betwist.
Die juridische discussie verliest echter snel aan praktisch belang. Vanaf dit jaar zijn crypto-exchanges immers verplicht informatie over Belgische gebruikers doorgeven aan de lidstaten in het kader van DAC8, waardoor ook de Belgische fiscus zicht zal krijgen op deze rekeningen. Het niet aangeven van cryptorekeningen heeft dan de facto weinig nut meer, aangezien de administratie er toch kennis van zal nemen. In combinatie met het duidelijke standpunt van de minister van Financiën, luidt ons praktisch advies om cryptorekeningen alsnog aan te geven bij het CAP, ook al kan juridisch worden geargumenteerd dat er vandaag geen expliciete wettelijke verplichting bestaat.
8. Een vaak over het hoofd gezien voordeel van aangifte bij het CAP
Een voordeel dat in de praktijk zelden wordt belicht, is dat ook notarissen het CAP kunnen raadplegen. Bij een onverwacht overlijden van iemand die cryptogelden aanhoudt, kan de notaris via het CAP achterhalen dat er cryptorekeningen bestaan bij buitenlandse exchanges. Die informatie laat erfgenamen toe om de betrokken platformen aan te spreken en de crypto-activa op te vragen als onderdeel van de nalatenschap. Bij een cold wallet of non-custodial wallet liggen de zaken fundamenteel anders: zonder dat het bestaan van de wallet ergens is geregistreerd én zonder toegang tot de private sleutels, zullen de cryptogelden bij overlijden onherroepelijk verloren gaan. Aangifte bij het CAP biedt in dat opzicht dus niet alleen fiscale transparantie, maar ook een vorm van vermogensbescherming voor de nabestaanden.
9. Conclusie
Hoewel cryptorekeningen op heden niet expliciet vermeld worden in de lijst van buitenlandse rekeningen die moeten worden aangegeven in de jaarlijkse aangifte in de personenbelasting en het CAP, adviseren we in de regel om deze wél aan te geven. Dit aangezien de minister van Financiën en bijgevolg de fiscale administratie dit standpunt volgen. Daarnaast is dit vaak één van de vragen die een bank zal stellen indien u uw cryptowinsten wenst over te schrijven op een Belgische bankrekening. Bijgevolg is het vaak de meest pragmatische oplossing om deze aan te geven. Hoewel hier, zoals reeds aangegeven, enige creativiteit vereist is.
Heeft u vragen over uw specifieke situatie en of u uw rekening dient aan te geven? Plan dan via de knop hieronder een vrijblijvende afspraak in. Tijdens deze meeting bespreken we uw concrete situatie in detail en krijgt u meteen onze eerste inzichten.
FAQ – Aangifte van cryptorekeningen en wallets in België
Moet ik mijn cryptorekeningen of crypto-wallets aangeven of melden in België?
De wet verplicht enkel tot aangifte en melding van buitenlandse rekeningen bij een bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling. Cryptorekeningen worden niet expliciet vermeld. In de praktijk verwacht de fiscus wel dat cryptorekeningen bij buitenlandse gecentraliseerde crypto-exchanges worden aangegeven.
Geldt dit ook voor hardware wallets of self-custody software wallets?
Nee. Wallets waarbij u zelf de private sleutels beheert en waarbij geen financiële tussenpersoon optreedt, vallen volgens de huidige stand van zaken niet onder de aangifte- of meldingsplicht.
Wat met rekeningen bij buitenlandse crypto-exchanges zoals Kraken, Binance, Bitvavo of Coinbase?
Volgens het standpunt van de minister van Financiën moeten dergelijke cryptorekeningen in principe worden aangegeven en gemeld aan het CAP. Dit standpunt is vandaag richtinggevend voor controles en voor de praktijk van banken.
Wat zijn de risico’s als ik mijn cryptorekeningen niet aangeef?
Niet-aangifte kan leiden tot boetes, belastingverhogingen en verlengde controletermijnen. Daarnaast kunnen Belgische banken weigeren cryptogelden te aanvaarden zolang geen bewijs van aangifte wordt geleverd.
Kan de fiscus mijn buitenlandse cryptorekeningen ontdekken?
Ja. De Belgische fiscus ontvangt automatisch informatie aangaande 2026 over cryptorekeningen via DAC8. De detectiekans bij niet-aangifte is daardoor aanzienlijk. Deze informatie wordt verwacht vanaf 2027
Ik wil mijn cryptorekeningen principieel niet aangeven. Kan dat?
Er bestaan vandaag nog juridische argumenten om te stellen dat cryptorekeningen niet onder de huidige wet vallen. De fiscus volgt dit standpunt echter niet. Wie bewust niet aangeeft, aanvaardt een verhoogd risico op discussie en controles en doet dit best met een goed onderbouwde juridische motivering.
Wat is het praktisch advies vandaag?
In de praktijk wordt meestal aangeraden om cryptorekeningen bij buitenlandse gecentraliseerde exchanges wél aan te geven, vanuit een pragmatische risicobenadering.
Indien u nog andere vragen hebt over crypto bekijk dan zeker onze Frequently Asked Questions (FAQ)
Christophe Romero Senne Verholle


